Samenleeskrat: Soldaat Wojtek – Bibi Dumon Tak (7/8)
Met de hele klas een verhaal beleven door allemaal hetzelfde boek te lezen: dat leidt tot mooie gesprekken en veel leesplezier.
De krat bestaat uit 32 boeken en een handleiding voor de leerkracht. In de handleiding worden suggesties gegeven om gesprekken te voeren aan de hand van “Vertel eens…” vragen van Aiden Chambers over het boek.
Op een gloeiendhete dag in 1942 vonden Poolse soldaten een beertje langs de weg. Het was nog heel jong en er zat weinig leven meer in. Ze namen het mee in hun truck, ook al waren ze op weg naar het oorlogsfront. De soldaten noemden hem Wojtek en hij werd hun beste vriend en mascotte.
In dit boek leer je de vijf Poolse soldaten kennen, hun vriendschap, hun heimwee, hun zorgen over het verscheurde en verwoeste Polen, hun verlangen naar het einde van de oorlog, en vooral hun liefde voor Wojtek. Ze lijken wel compleet verliefd op dat harige schepsel dat ze gered hebben. Maar dat is niks bijzonders, want iedereen die hem ontmoet wordt verliefd op hem. Jij ook, let maar op. Dit waargebeurde verhaal is een aanrader voor jouw leerlingen.
Met dit krat wordt aan de volgende SLO-doelen gewerkt:
- Kerndoel 1: De school stimuleert de taalcompetentie van leerlingen
- A. De school zorgt voor een rijke taal- en leesomgeving
- B. De school stimuleert de taalontwikkeling van leerlingen in alle leergebieden
- Kerndoel 2: De leerling begrijpt teksten
- A. De leerling toont begrip van zakelijke en literaire teksten
- B. De leerling evalueert en reflecteert op zakelijke en literaire teksten
- C. De leerling verkent de betrouwbaarheid van verschillende bronnen
- Kerndoel 4: De leerling voert gesprekken
- A. De leerling voert gesprekken afgestemd op doel, gesprekspartner(s) en context
- B. De leerling voert gesprekken om tot kennisopbouw, begrip of een aanpak te komen
- Kerndoel 5: De leerling ontwikkelt zich als een bewuste taalgebruiker
- A. De leerling reflecteert op het proces en evalueert het product van een taalactiviteit
- Kerndoel 6: De leerling toont inzicht in taal als systeem
- A. De leerling beschouwt de relatie tussen vorm en betekenis van taal
- B. De leerling toont inzicht in regels en procedures voor spelling, formulering en interpunctie
- Kerndoel 7: De leerling verkent het gebruik van taal
- A. De leerling verkent hoe je met taal uiting geeft aan identiteit
- B. De leerling verkent taalvariatie en taalverandering in het Nederlandse taalgebied
- Kerndoel 8: De leerling doet ervaring op met literatuur
- A. De leerling ontwikkelt een eigen leesvoorkeur
- B. De leerling verkent de waarde van literatuur
- Kerndoel 9: De leerling toont inzicht in literatuur
- A. De leerling toont inzicht in verschillende teksten
- B. De leerling toont inzicht in genrekenmerken van literatuur